27 maart 2011

Quote

"- De bubbel van de realiteit die kan worden doorgeprikt -

"We live on several planes at the same time" (We leven op
verschillende niveau's op dezelfde tijd.) -
http://i53.tinypic.com/8vvvwo.jpg

Gewoonlijk leef ik in "deze" realiteit, waarin ik een stabiele
ondergrond heb gebouwd. Mijn gevoel is uitgebalanceerd en ik ken mijn
plek op de wereld. Deze stabiele ondergrond blijkt echter telkens
instabiel en fragiel: nieuwe inzichten, andere denkpatronen, cynische
inzichten, nihilisme, fatalisme kunnen deze ondergrond doen schudden."

Tekening: Julian Callos

26 maart 2011

14 Geheimen

Aantal aanmeldingen: 22
Aantal terugkrabbelingen: 4
Aantal gevoerde gesprekken: 14
Aantal nog geplande gesprekken: 4 + 1 (ik zoek nog een man van 30+)
Aantal onaffe gesprekken: 1
Aantal vrouwen: 9 + 4
Aantal mannen: 5

1 ..........
2 ik heb vieze tenen
3 ik ben verkracht
4 ik heb zware OCD
5 ik ben bang dat het leven niet bijzonder is
6 ik wens iemand dood
7 ik ben een ontwerper, maar ik speel alleen computerspelletjes
8 X
9 X
10 de scheiding van mijn ouders veroorzaakte verlatingsangst
11 ..........
12 ik had liever een man willen zijn
13 ..........
14 ..........
15 X
16 ik ben heel vaak heel bang dat mijn vader doodgaat
17 ik ben mijn zusje verloren
18 X
19 ?
20 mijn contactgegevens
21 ik ben niet goed genoeg voor een relatie
22 mijn minachting voor de dood neemt extreme vormen aan

Wie wil reageren / inspireren kan dat doen onderaan dit bericht.
Wat me tot nu toe het meeste opvalt is hoeveel van mezelf ik herken in de geheimen die ik hoor. Ik hoop dat het me geen slechte luisteraar heeft gemaakt, ik kon me zo rond de veertien keer niet inhouden om over mezelf te beginnen. Soms leek het alsof iemand mij mijn eigen verhalen voorlas.
Dat heeft ook te maken met hoe minderwaardig meisjes zich van nature voelen. Ik weet niet of jongens het ook hebben, maar anders uiten. Of dat ik misschien mensen aantrek die onzeker zijn. Maar het is eigenlijk echt een pijnlijke constatering: alle vrouwen die ik spreek zijn geprogrammeerd met een gevoel van niet goed genoeg zijn. Daar vecht je dan zo je hele leven tegen.

Hoe dan ook ben ik tevreden met dit gevoel van herkenning. Het maakt mijn standpunt helderder. Dat geheimen altijd zo menselijk blijken te zijn. Dat we misschien allemaal wel niet zo erg, gestoord, anders zijn, maar samen niet helemaal zeker van onze zaak. Als we ons herkennen in elkaars geheimen, kunnen we misschien opener zijn, en elkaar meer respecteren.

21 maart 2011

Mijn Geheim

Ik probeer al sinds drie dagen geleden Het Geheime Gesprek met mezelf te voeren.
Ik vind zelden iets dat iemand me vertelt echt raar, omdat ik altijd denk 'dat is menselijk'.
Nu weet ik niet zo goed waarom ik dingen moeilijk met mezelf en anderen kan delen.
Misschien oordeel ik wel niet zo snel over iemand wanneer diegene mij in vertrouwen neemt over iets heftigs, omdat ik hem/haar bewonder om het feit dat hij/zij me erover in vertrouwen neemt.
Ik probeer voorbeeldig te reageren, zoals ik zou willen dat iemand zou reageren als ik iets vertel waar ik me kwetsbaar over voel.
Nu is het wel de vraag in hoeverre ik dat niet doe. Open zijn over waar ik niet open over durf te zijn. Waarschijnlijk vind ik mezelf niet open en eerlijk totdat ik dingen begin te delen waar ik me echt kwetsbaar over voel.
Het is ook niet dat ik dat nooit doe, maar ik geef er in elk geval niet het gewicht aan dat ik voel. Soms bloos ik terwijl ik iets zeg, en dan doe ik gewoon alsof ik niet bloos. Dan geef ik me misschien wel bloot in informatie, maar niet in mijn gevoel bij het vertellen van die informatie.

Nu ik mee doe aan mijn eigen project, wil ik solidair zijn met mijn deelnemers door iets te vertellen dat ik écht niet wil vertellen. Ik besef nu pas hoe moeilijk het is om te kiezen. Want waaróm wil ik iets niet vertellen? Wordt het gegeven beter naarmate ik me er rotter bij voel? Of kan ik misschien beter iets kiezen dat goed tussen de verhalen past, goed het gevoel 'kwetsbaarheid' representeert, een herkenbaar geheim is?
Bijvoorbeeld: ik heb geheimen over anderen. Wie ik eigenlijk niet mag, tegen wie ik op kijk, dingen die ik over iemand heb gezegd, dingen die ik over iemand weet. Ik denk dat ik me het meest kwetsbaar zou voelen als ik informatie uit die categorie openbaar zou maken. Maar is dat niet omdat het ook nergens op zou slaan om dat te doen? Misschien heb ik er wel niks aan? Maar je moest er ook niks aan hebben, je moest er alleen kwetsbaar van worden.

Mijn geheimen gaan over schaamte, zoals veel geheimen met schaamte gepaard gaan.
Geheimen ontvouwen zich voor mijn neus in een soort van categorieën.
- een gegeven over jou dat niet strookt met je beeld van jezelf
- een gegeven over jou dat niet strookt met het beeld dat anderen van je hebben
- een gegeven dat je moeilijk in je leven kunt integreren
- iets waar je je voor schaamt
- iets waarvan je vermoedt dat anderen het niet zullen begrijpen
De categorieën overlappen geloof ik, maar toch onderscheid ik ze.

Voordat ik een keuze maak moet ik bedenken wat ik van dit geheim wil. Wil ik alleen maar mijn eigen glazen ingooien? Of wil ik er eentje kiezen (uit het lijstje dat ik stiekem heb gemaakt, dat me aan ligt te staren als een geladen geweer) waar anderen iets aan hebben, op een manier?
Misschien, bedoel ik, kan ik iets kiezen waar ik me wel kwetsbaar door voel, zonder meteen iets te kiezen waar ik mezelf alleen maar belachelijk mee maak, alleen maar om mezelf belachelijk te maken zodat ik zeker weet dat ik kwetsbaar ben.

Ook is het raar te beseffen dat het natuurlijk heel erg subjectief is wat erg is en wat niet. Misschien houd ik wel iets geheim dat anderen helemaal niet erg of schaamtevol vinden, en vertel ik juist dingen die absoluut niet door de beugel kunnen. Daar wil ik ook wel het midden in proberen te vinden als dat kan, zodat ik wel een goede bijdrage lever aan mijn eigen werk.

Ik experimenteer nu al wel meer met kwetsbare onderwerpen. Laatst vertelde ik iets aan mijn vriendje dat ik héél schaamtevol vond om te vertellen. Ik wachtte op loutering, dan wel zijn besluit mij te dumpen, maar tot mijn verbazing herinner ik me niet eens meer wat het was dat ik zei. Wat is dat toch, met kwetsbaarheid?

Wordt alles uit eindelijk minder erg als je het vertelt?

Lois bracht het boek Post Secret voor me mee. Mensen praten erover en ik zeg 'ja ja, ik ken het concept', maar een passief persoon als ik heeft af en toe een goede vriendin nodig die me gewoon het boek in de handen duwt. (En een werkruimte. En gezelligheid. Lois is geweldig.)
Daarin stonden veel geheimen die niet zo erg zijn als het niet je eigen geheimen zijn, sommige hele grappige dingen ("I waste office supplies because I hate my boss") en een aantal herkenbare ("He's been in prison for two years because of what I did").
En deze: "I love one of my children."
Mijn hart zonk een beetje toen ik dat las, en ik vroeg me af of mijn ouders dat ook dachten, en ik vroeg me af of ik dat dan zou moeten weten als dat zo was.

En dat openheid niet altijd kan, is ook wat ik aanneem in dit project.
Zou ik dan een geheim moeten kiezen waar ik open over zou wíllen zijn, zodat ik mijn eigen ideaal navolg? Openheid is in de wereld buiten dit project natuurlijk iets vertellen met je naam eraan vast. In mijn metafoor is de aanwezigheid van je naam de schending van vertrouwen, en zijn de geheimen de dingen die we eigenlijk zouden willen zeggen, als we konden.
(Zouden we alles zeggen als dat kon? Wat betekent kunnen? Dat niemand er stom over deed? Dat zou raar zijn. Dan zou je kunnen vertellen dat je iemand had vermoord en er niet om veroordeeld worden, maar intussen wel veroordeeld worden om de moord zelf. En dan voortdurend hele leuke gevangenistelefoongesprekken hebben.)

Misschien dwaal ik af, dit stukje tekst is zoals je ziet dan ook een innerlijk gebrabbel dat ik net zo goed in mijn dagboek had kunnen doen, want ik zocht gewoon een antwoord op de vraag wat voor soort geheim het moet worden.
Maar geloof me, wat ik ook kies, het wordt onleuk.

10 maart 2011

Ik zocht die omschrijving van mijn ouderlijk huis en toen vond ik iets dat ik op mijn veertiende schreef, waaruit bleek dat ik me toen nog herinnerde hoe het was om klein te zijn, hele specifieke dingen die ik nu allang was vergeten.

26 oktober 2003
Zondagochtend half 10
De klok is een uur teruggezet... Rara hoelang heb ik geslapen? Het is dus twee uur drie uur geweest, of twee keer twee uur. Ik ben om 12 uur gaan slapen. Hoe lang heb ik geslapen? 10 1/2 uur, of 9 1/2 uur? Aargh.

Hoe het is om om 9 uur naar bed te moeten en dan je horloge tevoorschijn te halen en de tijd een heel opluchtend uur achteruit te zetten.
Hoe het is om om 10 voor half 9 te beseffen dat Friends over 5 minuten is afgelopen.
Hoe het is om bij voetbal je buurjongen tegen zijn schenen te schoppen.
Hoe het is om alleen met je ogen boven de spiegel in de keuken uit te komen.
Hoe het is om boven de spiegel in de badkamer uit te groeien.
Hoe het is om op een dag op het opstapje te gaan staan om je tanden te gaan poetsen om vervolgens te merken dat je bukt
Hoe het is om aan het aanrecht te hangen om water te drinken.
Hoe het is om met je minivoetjes met je miniteentjes in het riet van het krukje in de badkamer te groeven.
Hoe het is om je schor te roepen naar paaaapa en maaaama vanuit je bed, omdat je bang bent
Hoe het voelt als er niemand komt.
Hoe het is om op de vensterbank te klimmen, je uit te strekken naar de bovenste balk en je krampachtig vasthoudend naar het bed uit te strekken om iets te pakken.
Hoe het is om nog 5 grote happen te nemen.
Hoe een vergissing een grapje wordt.
Hoe het is om het volkomen onbelangrijke bullshit te vinden hoe je eruit ziet.
Hoe het is om je rugzak met een beker en een trommeltje aan de kapstok te hangen.
Hoe zwaar je rugzak was als er een gymtas in zat.
Hoe het is als iemand onder een toets zijn potloodpunt gaat slijpen in de elektrische slijper.
Hoe het is om 's ochtends je stapelbed uit te glijden als mama je wakker maakt.
Hoe het is om een film niet af te kijken.
Hoe het is om paaseieren te vinden op plekjes die je nooit zonder paasei hebt gezien.
Hoe het is als zwarte piet op de deur bonkt en je mag de gordijnen niet open doen om te kijken.
Hoe het voelt om een brutale neet te zijn
Hoe het is om dingen te leren die je al kunt.
Hoe het is om nieuwe dingen te leren als je het vorige nog lang niet kunt.
Hoe je uitkijkt naar je derde sticker
om vervolgens triomfantelijk naar het kastje met de kleine kaartjes te lopen.
Hoe het schrijfschrift in elkaar zat: stempel, stempel, stempel, sticker, stempel, stempel, stempel, sticker, stempel, stempel, stempel, sticker, 1 x schrijven met groene / rode pen, stempel stempel stempel sticker stempel stempel stempel sticker stempel stempel stempel sticker 1 x schrijven met groene of rode pen, stempel stempel stempel sticker stempel stempel stempel sticker stempel stempel stempel sticker 1 x schrijven met rode of groene pen, kleine kaart, 2 kleine kaarten 1 grote kaart, 3 grote kaarten
1 verrassing
Hoe frustrerend het was toen aan het einde van het jaar niemand een verrassing kreeg.
Hoe het is om te maken te hebben met het fenomeen schoolmelk.
Hoe het is om op je veertiende nog precies te weten wie er schoolmelk hadden (Jos, Tim V, Tijn, Floor, Claire, Tim S, Gepke, Fenneke, Nienke, Michel, Michael, Lieke, Dianne, Sylvie, Susan)
Hoe het is om brood uit de diepvries in de kelder te halen
Hoe het is om voor 't eerst op de vijver te lopen
Hoe het is om 10 te zijn
Hoe het is om iets te kunnen
fietsen
veterstrikken
breien
alleen naar school fietsen
cijferen
Hoe het is om er aan het einde van groep 3 achter te komen dat sommen met 100 sommen met 10 zijn met een 0 erachter, en dat die nullen tot in het oneindige door kunnen gaan.
Hoe het is om plotseling tot duizend te kunnen tellen.
Hoe het is om een zus te hebben.
Hoe het voelt om veel groter te zijn dan je je voelt
Hoe het is om bij de tandarts een cadeautje uit te mogen zoeken
Hoe het is om uit eten te gaan en dan door het restaurant te lopen en alles te ontdekken wat er is
Hoe het is om te ontdekken dat het niet leuk is om overal bij te kunnen
Hoe het is om ineens met basketbal een speciale positie te krijgen als langste van het team, terwijl je bent toch de kleinste?
Hoe het is om de jongste en de langste te zijn
Hoe het is om ergens fan van te zijn
Hoe het is om geen lucht meer te krijgen van het lachen

Hoe het is om godverdomme te ontdekken dat je als je alleen bent nog steeds let op wat je doet, terwijl vroeger alleen anderen dingen deden

Integriteit en de 'niet doen'-knop

bron foto: verlichtingshumanisten.web-log.nl



Marco Evaristti is de kunstenaar die kwam met de goudvissen in de blender.
Dit is een perfect voorbeeld van kwetsbaarheid, maar ook van hoe mensen daarmee om gaan.
Verscheidene mensen konden de verleiding (?) niet weerstaan de knop in te drukken en zo het versnipperde lot van de vissen te bezegelen.
Wat ik met mijn project ga doen is ongeveer hetzelfde. Er wordt een mogelijkheid voor het publiek gecreëerd om iets te doen waarvan het weet dat het dat eigenlijk niet zou moeten doen.
Mensen handelen vaak naar beloningen. Als je werkt, krijg je geld. Als je lief bent, krijg je een snoepje.
Het probleem met die goudvis in die blender, is dat er maar één ding is dat je kan doen dat direct effect heeft. Je kunt alleen op de knop 'wel doen' drukken. Voor goed gedrag word je niet beloond met iets dat zo duidelijk is en op zo'n korte termijn plaatsvindt als het pureren van een vis.
Dit is ook het probleem met gewicht proberen te verliezen: je moet heel lang inleveren voordat je een keer effect ziet.
Volgens mij is dat de enige reden dat mensen op die knop op die blender drukten. Er is geen 'niet doen'-knop. Er is geen beloning voor het in leven laten van de vis.

Integriteit is het opzoeken van een intrinsieke beloning.

Zo sprak ik vandaag Anne N, (hoewel Anne K hetzelfde zou zeggen,) die vertelde dat men het knap van haar vindt dat ze geen vlees eet. Maar, zo zei ze, de beloning zit voor haar in het idee dat ze er goed aan doet geen dieren te eten. De beloning voor haar 'opoffering' is dus een goed gevoel over zichzelf, in plaats van een stuk vlees.
Dat is wat duidelijk moet worden in mijn project.
Niet doen duurt voor altijd, en de voldoening van het niet doen moet (dus?) in iets zitten dat ook voor altijd is. Dat is: het gevoel dat je goed doet. Het gevoel van bescherming, in dit geval.
Zou het opwegen tegen het bevredigen van je nieuwsgierigheid? Of moet je worden gestraft door je eigen gevoel van zondigheid wanneer je vertrouwen stuk maakt?
Of wil je een 'niet doen'-knop op mijn werk?


De tweede drie

Na de vorige keer collecteerde ik een naar geheim (3), een nieuw perspectief op kwetsbaarheid (19) en iemands contactgegevens (20).
Een heel gevarieerde verzameling.
Mensen blijven me inspireren, en mijn project daarmee ook sturen. Het maakt dat ik voortdurend de tune van Scrubs in mijn hoofd heb.
Ik voel me tegelijk energiek en uitgeput, tegelijk mezelf onder- en overschattend, tegelijk angstig en hoopvol.
Mijn dagboek is weer een grotere rol gaan spelen in mijn dagelijkse bezigheden, omdat ik overstroom van verhalen, en aan niemand kan vertellen hoe de geheimen van anderen voelen.
Vandaag moet ik gaan typen, anders propt alle informatie elkaar naar de achtergrond en dan heb ik stamppot en dan kan ik er geen wijs meer uit worden.
Koffie maakt alles schichtig.

8 maart 2011

De eerste drie.


Het spits is afgebeten door drie dappere monden.
De kwetsbaarheden die ik kreeg, waren heftiger dan ik had verwacht. Het is een zware last die fijn voelt, zoals wanneer er iemand op je ligt, of je een koe bent in zo’n machine die Temple Grandin heeft uitgevonden.
De gesprekken waren heel waardevol. Naast dat mij dingen werden toevertrouwd, leerde ik. Over hoe mijn companen denken over geheimen, over zichzelf. Dit heeft uit eindelijk ook te maken met waarom ze besloten hebben mee te doen.
Sceptici hebben gezegd dat er alleen maar mensen mee zouden doen die ergens wíllen dat hun geheim onthuld wordt, en dat dit feit ze dus automatisch ongeschikt voor het project zou maken, want onkwetsbaar- of in elk geval niet zo kwetsbaar als je bent wanneer iemand iets weet dat je helemaal niet expres hebt verteld.
Maar met de kennis van nu kan ik zeggen dat mijn deelnemers tot nu toe wél kwetsbaar zijn, zij het expres. Want uit eindelijk willen de meeste mensen zich van hun geheim ontdoen. Niet alle mensen, en van niet alle geheimen. Maar een mens kan doorgaans zijn geheim niet alleen dragen, al is het maar omdat hij zoekt naar acceptatie.
Juist dit delen van een geheim maakt een mens kwetsbaar. En de twee kunnen naast elkaar bestaan. Niet willen dat men iets van je weet, uit angst om kwetsbaar te zijn. Maar ook bereid zijn je kwetsbaar op te stellen, om maar van je geheim af te zijn.
De verhalen die ik heb gehoord zijn verhalen die niet voor ieders oren bestemd zijn. Niet voor ieders hánden, geen informatie waar iedereen iets mee mag.
Maar ik vroeg mijn mensen of zij dit geheim van een ander zouden accepteren. En het antwoord was ja.

17
Omdat je niet een beetje kunt vertellen

6
Omdat het niet strookt met mijn beeld van mezelf

12
Ik geef het nauwelijks toe aan mezelf.

Het zijn drie verhalen in misschien wel dezelfde categorie. Het zijn verhalen die je niet aan mensen vertelt omdat ze te heftig zijn. Het zijn verhalen die goede vrienden zouden accepteren, die misschien heel veel mensen zouden accepteren. Maar ze zeggen in één keer te veel over de personen die ik voor me had.
Het is vreemd om onder iemands opperhuid te kruipen, en te zien wat eronder zit. Mensen krijgen nieuwe dimensies, bieden je tools om ze te doorgronden. 
Ik merk weer hoe dicht ik bij mijzelf en mijn aloude fascinaties kom.
Krille, in ‘Jan, mijn vriend’ van Peter Pohl houdt een archief bij over iedere persoon die hij ontmoet. Met een pen met extra dunne punt.
Over sommige mensen heeft hij pagina’s volgeschreven maar over Jan maar één zin.
Ik persoonlijk wilde altijd liever een pen met een dikke punt, maar zo’n archief wilde ik ook en ik ben het zelfs ooit begonnen, maar het zag er niet mooi uit hoe ik mensen in kaart bracht, eerder alsof ik een misdaad beraamde.
En ik weet ook nog steeds niet waar die hunkering tot archiveren en optekenen vandaan komt, maar ik voel hem iedere keer als ik iemand leer kennen. 
Een persoon stukje voor stukje te ontleden, een persoon stukje voor stukje op te kunnen bouwen. Alsof ik iemand na wil bouwen. Maar waarom toch?
Ik doe het ook met mezelf. Ik schrijf mijn gedachten op en analyseer zo mijzelf. Ik vind mij net zo interessant als al die andere mensen. Waarom doe ik iets? Waarom zei ik dat? Waarom wil ik mensen optekenen en bewaren in een archiefkast?
Heeft het te maken met klassiekers als verlatingsangst of angst voor de dood? Is het obsessief compulsief? Is het weigeren iets (iemand) los te laten? Dat klinkt nog best aannemelijk. Zo veel mogelijk bewaren van een sterfelijke.
Eventueel het gevoel de sterfelijke na te kunnen bouwen.
Zoals in een aflevering van –hoe heette het?- ‘Hey Arnold’ geloof ik, waarin een meisje verliefd is op said Arnold, en hem op ware grootte nabouwt met door hem uitgespuugde stukjes kauwgum.
Iemand kennen. Iemand begrijpen. Iemand conserveren, vastleggen.
Mezelf kennen, mezelf begrijpen, mezelf vastleggen.
Mezelf laten kennen, begrepen worden, vastgelegd worden.
Is dit raar, of een algemeenheid? Is dit vreemd of verklaarbaar?
En wat is dat zeeïge geluid dat ik hoor? Er is hier een machine eb en vloed maar ik kan het geluid niet herleiden, ik hoor ook niet precies waar het vandaan komt.
Ik zit in een keuken die ik ooit –daar gaan we weer- tot in detail heb beschreven.
Mijn ouders, die nu boven mij liggen te slapen dan wel proberen te gaan liggen slapen, wilden ooit weg uit dit huis en verhuizen naar de grens van Duitsland. Grotere tuin enzo, muren mooi terracotta. Ik, tien, huilen.
Verbeten besloot ik dit huis en al zijn hoeken en alle kasten en alle spullen erin op te schrijven, om het niet te vergeten, denk ik, en het is eng hoe goed dit past in wat ik hierboven schreef.
Ik zal het eens opzoeken, het staat in een dagboek denk ik. Het uitschuifkruidenkastje was lastig, met al die potjes. Ik kwam ook veel tegen waar ik nooit naar had gekeken of aan gedacht. Ik kwam niet tot alle kamers, ik geloof trouwens dat ik de bovenverdieping overgeslagen heb. Maar ergens is een gedetailleerde documentatie van hoe het was. Ergens staan de voerbakjes van de katten er nog, en de stoelen waarvan je altijd het vet van het hout kon krabben, en het dan weer terug leek te groeien.  De gordijnen die er nog zijn en de schuifdeuren die nu minder als piepschuim klinken.
Zou ik er troost in vinden dat dat huis ergens nog bestaat, zoals een dode voortleeft in je hart? Zou dat een geruststelling voor me zijn? Zou ik overstuur raken om de veranderingen van de afgelopen jaren, als ik het dagboek met het badwater weggooien zou?
Hoe zou ik überhaupt verder leven, zonder die vijfenzestig dagboeken in een visnet achter me aan te slepen? Ik zou voorgoed iets zijn verloren en ik weet niet of het bij boeken alleen blijft.

25 augustus 2002
De benedenverdieping van ons huis op de Groenestraat, toen ik dacht dat we naar Duitsland gingen verhuizen.
(We gingen niet verhuizen. Maar mijn zusje en ik later wel. En nu is alles toch nog anders.)
Mocht je zin hebben om dit te lezen, klik dan op de afbeeldingen om te vergroten.


Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...